Blog

Ons mobiele geweten

Ons mobiele geweten

Omgaan met goed en kwaad (in het verkeer)

 

(deze blog is in eerdere vorm in het Engels verschenen op Network Dispatches)

26 01 2019 (herziening van blog van 28 april 2015)

Met enige regelmaat belicht ik psychologische concepten vanuit het perspectief van het verkeer. Het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030 was aanleiding om eens wat dieper in ons ‘geweten’ te duiken. In hoeverre voelen we ons verantwoordelijk voor het lot van onze medeweggebruikers en zien we het als ons morele plicht om ons (een beetje) fatsoenlijk te gedragen? Heeft het zin een beroep te doen op ons geweten om ons gedrag bij te sturen?

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat streeft naar nul verkeersdoden in 2050. Daartoe lanceerde het ministerie vorig jaar het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030 (SPV). Het plan omvat diverse maatregelen om de verkeersveiligheid in Nederland te verbeteren. Dat is ook bitterhard nodig. Maar hoe zit het met de weggebruiker zelf? Voelen we als weggebruiker diep van binnen wel de noodzaak om mee te werken aan een verkeersveiliger Nederland? Een blik in ons ‘mobiele geweten.’

Worstelen met het geweten

In 2010 stapte een 38-jarige automobilist vol wroeging een politiebureau binnen om zichzelf aan te geven. Eenentwintig jaar daarvoor had hij een kind overreden en was doorgereden. De man verklaarde dat hij sinds het ongeval slecht sliep, last had van nachtmerries en geen fatsoenlijke vaste baan had kunnen vinden. Het ongeveer vijfjarig kind was onverwacht, de weg overgestoken en hij had niet meer kunnen remmen. Toen een andere automobilist zich over het slachtoffer ontfermde was hij weggereden en sindsdien leefde hij in strijd met zijn geweten. Tot het hem te veel werd en hij besloot zich aan te geven.

Net als de man uit dit voorbeeld, worstelt de psychologie met het geweten. We weten niet precies hoe het werkt. Zijn we bij onze geboorte al voldoende toegerust om goed van kwaad te onderscheiden, of leren we dat pas later via beloning en straf? Of is het vooral het waargenomen gedrag van anderen om ons heen dat ons geweten vormt? Het lijkt een kip-ei-kwestie; ons geweten wordt mede gevormd door de opvoeding, maar zonder een vorm van geweten is opvoeden niet mogelijk.

Impulsen onderdrukken vreet energie

Hoe dan ook, ergens in ons hoofd is een plekje waar onze normen en onze persoonlijkheid zich bevinden. Het stemmetje dat ons zegt wat we wel en wat we niet moeten doen. In stripverhalen is het een heilig boontje dat het opneemt tegen de constante verleidingen van diepere driften. Verleidingen, die we soms wel en soms niet kunnen weerstaan.

Een sociaal psycholoog met de toepasselijke naam Van Beest, legt het als volgt uit: ‘Agressieve mannen slaan hun vrouw zelden ‘s ochtends in elkaar. Dat doen ze ’s avonds als ze zich door allerlei factoren als drank en vermoeidheid niet meer kunnen beheersen. Je impulsen onderdrukken vreet energie. Daar moet je voortdurend mee bezig zijn.’ In het verkeer is het niet anders; tikkende tijdbommen op wielen slaan meestal ook pas later op de dag toe.

Subjectieve goedheid en het objectieve kwaad

Van Universitair Docent in de filosofie Jeroen de Ridder leen ik een verband tussen een ethisch dilemma en spruitjes. Hij stelt dat de meeste Nederlanders blij zijn dat ze in Nederland wonen, waar slavernij wordt afgekeurd. Maar wat hadden diezelfde mensen gevonden als ze in het antieke Griekenland gewoond zouden hebben? Zouden ze het dan ook moreel verwerpelijk hebben gevonden om mensen als slaven te houden? Waarschijnlijk niet. De Ridder confronteert ons ook met het kleine meisje Junia, dat blij is dat ze niet van spruitjes houdt: “Als ik er wel van had gehouden, had ik ze gewoon opgegeten, terwijl ze hartstikke vies zijn.” Zowel de smaak van spruitjes als het afkeuren van slavernij, zijn geen objectieve feiten. Het zijn individuele of maatschappelijke interpretaties van gebeurtenissen.

Het is interessant je af te vragen of het doorrijden na een ongeluk een objectief slechte daad is, of dat er een ander soort maatschappij voorstelbaar is, waarin het zou worden goedgekeurd. Zou de man die in 2010 de dood van het kind niet langer ongestraft op zijn geweten wilde hebben, in zo’n samenleving ook een jarenlange worsteling hebben moeten doorstaan? In onze maatschappij zijn er immers ook mensen die dingen goedkeuren die door anderen moreel worden afgekeurd. Universele regels over goed en kwaad bestaan kennelijk niet.

Over inspelen op schuldgevoelens en emotionele chantage

Als ons gedrag alleen gevolgen heeft voor onszelf, houdt ons geweten zich koest. Een verzoek om de auto vaker in te ruilen voor de fiets omdat het je gezondheid ten goede komt, stuit niet op morele bezwaren. Maar wat als we je verzoeken die auto te laten staan in het belang van de toekomst en onze kinderen? De een heeft er wat meer last van dan de ander, maar dit soort emotionele chantage doet een beroep op ons geweten.

Wat betreft verkeersveiligheid gedraagt ons geweten zich op een soortgelijke manier. Als ik alleen mezelf kan treffen door in beschonken toestand naar huis te rijden, kan ik mijn geweten relatief makkelijk passeren. Maar zelfs dan: ik weet dat er mensen zijn die om mij geven. Kan ik het hen aandoen dat ik mijn leven onnodig op het spel zet? Door met mijn zatte kop in de auto te stappen, kan ik ook nog eens anderen beschadigen en dat is moreel echt verwerpelijk. Althans dat zou het moeten zijn als we luisteren naar ons geweten.

Pas op voor het pasklare antwoord

De meeste mensen hebben een redelijk gezond ontwikkeld geweten en rijden niet door na het veroorzaken van een ongeluk, helpen niet moedwillig het milieu naar de knoppen en gaan niet volgas door een woonwijk. Toch voelt iedereen zich ook wel ergens schuldig over en daar spelen voorlichtingsboodschappen op in. Door mensen aan te sporen wat meer rekening met anderen te houden, kunnen die het kleine leed voor zichzelf wat verzachten.

De effectiviteit van je strategie hangt af van de manier waarop je te werk gaat. Marketingexperts Alex Hesz en Bambos Neophytou waarschuwen voor het aanbieden van kant en klare oplossingen voor het zojuist aangeprate schuldgevoel. In de wereld van mobiliteit gebeurt dit helaas nog regelmatig: ‘Ga fietsen, werk thuis, koop een elektrische auto, rijd voorzichtig, don’t drink and drive, etc. Daar kun je immers mee thuiskomen!Het klinkt logisch, maar in praktijk werkt het zo niet. We herkennen ons er niet in: ‘Uw oplossing is leuk bedacht, maar niets voor mij.’ Bovendien is er nauwelijks enig gevoel van schaamte over het vertoonde gedrag. Iedereen doet het immers, ‘so who cares?

Om het geweten echt te laten spreken is meer nodig dan een voorgekookte oplossing. Met dit driesstappenplan kom je een stuk verder:

1. Stap één is ‘self persuasion’. Mensen moeten zelf de gelegenheid krijgen betrokken te raken bij de oorzaak, het gevolg en het gewenste gedrag. In plaats van de voorgekookte oplossing kant en klaar te consumeren, is het raadzaam mensen zelf aan het denken te zetten. Is er een probleem? Voor wie is het een probleem? Wat kunnen we er aan doen? En dan pas: wat is jouw probleem en wat kan jij daar aan doen? Zelf puzzelen, betrokkenheid en commitment bieden een veel grotere kans op duurzame gedragsverandering.

2. Stap twee is …… eerst een korte parabel (*).

Een zieke jongen moest van de dokter stoppen met snoepen, maar dat lukte hem niet. Ten einde raad nam zijn moeder hem mee naar een wijze man met veel gezag: “Wilt u alstublieft tegen hem zeggen dat hij geen snoep en suiker meer mag eten?” De wijze man zei: “Komt u over twee weken maar weer terug.”

Twee weken later kwamen zij opnieuw bij de wijze man. Hij keek de jongen indringend aan en zei: “Jongen, luister goed, je moet nu echt stoppen met snoepen!! De jongen zei: “Oké, dat zal ik doen.” Verbaasd vroeg de moeder: “Is dat alles? Had u dat twee weken geleden niet gewoon kunnen zeggen?” De wijze man zei: “Dat was onmogelijk. Twee weken geleden snoepte ik zelf nog. Hoe kan ik iets van iemand vragen als ik het zelf niet eens doe?”

Moraal van dit verhaal is dat je de goede eigenschappen van het gewenste gedrag pas moet communiceren als jezelf van onbesproken gedrag bent. Agenten die zelf te hard rijden, directieleden die met een (grote, benzineslurpende) auto blijven komen, zelfverrijking onder politici; zo breng je een effectief appèl op het geweten niet dichterbij. Stap 2 is dus consequent handelen, ofwel het goede voorbeeld geven.

3. Stap drie is realisme en matigheid. Overdrijf niet. Om mensen te beschuldigen moet je bewijzen hebben. Een individuele automobilist kan het milieu niet verbeteren. Naar het werk fietsen is geen garantie om oud te worden. Als jij langzamer rijdt is de buurt niet ineens veilig voor kinderen om buiten te spelen. Er is een duidelijke grens tussen schuldgevoel opwekken en om medewerking vragen. Houd dat uit elkaar!

Tot slot nog even terug naar sociaal psycholoog Van Beest uit het begin van deze blog. Ons geweten is op haar best als we kwiek en fit zijn. Het verdient dus aanbeveling haar ook op dat soort momenten aan te spreken. Wil je binnen je bedrijf dat je medewerkers zich gaan inzetten voor een gemeenschappelijk doel, doe dat beroep dan aan het begin van de dag. Organiseer bijeenkomsten over verkeersveiligheid of een nieuw vervoersplan aan het begin van de week en niet op het momenten dat de werkweek ons mentaal heeft uitgeput en we snakken naar het weekend. Je moet het ijzer smeden als het heet is.

 

Referenties

Hesz, A. & Neophytou, B., 2010, Guilt Trip: From Fear to Guilt on the Green Bandwagon, Wiley & Sons: Chichester, UK.

HLN, 2010, Saoedi die kind doodreed geeft zich na 21 jaar aan, Media Voogel, Haarlem.

Meester, M., 2007, De rol van het geweten, Aware Psychologie.

Ministerie I&W, ministerie J&V, IPO, et al., 2018, Veilig van deur tot deur, Het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030: Een gezamenlijke visie op aanpak verkeersveiligheidsbeleid, Den Haag.

Ridder, J. de, 2014, Spinnen, bijen en de moraal, Abraham Kuyper Center, Amsterdam.

Schimmel, C.W., 2009, Het geweten: theologisch, psychologisch en pedagogisch, Drs Magazine online.

(*) Tertoolen, G., 2013, De Forens als kuddedier, De Verkeerspsycholoog GTi (de parabel van de oude wijze man).

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*