Onderzoek: file niet zo erg

Dieren die meermaals elektrische schokken ondergaan, kun je aanleren om hulpeloos te worden. Op den duur verliezen zij het vermogen om te ontsnappen, ook al zijn daar best wel mogelijkheden voor. Ze lijden nog steeds onder een nieuwe schok, maar doen dan niets meer om het nog te vermijden. “Dat heeft toch geen zin”, lijken ze te denken, “niks helpt.” Het is ze geleerd om passief en hulpeloos te zijn. In de psychologie heet dat ‘aangeleerde hulpeloosheid’.

Het lijkt er op dat dit fenomeen bij automobilisten ook de kop op steekt. Onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid wijst uit dat automobilisten er steeds vaker vrede mee hebben dat ze achteraan moeten aansluiten in de dagelijkse file op de snelweg. Vond 72 procent van de Nederlanders in 2010 de files op autosnelwegen (helemaal) niet acceptabel, in 2019 is dit spectaculair gedaald naar 35 procent.

Aangeleerde hulpeloosheid heeft in grote lijnen drie effecten:

  • Emotioneel. Het resulteert in ogenschijnlijke onverschilligheid; gebrek aan emoties dus. Het is vervelend maar het hoort er bij.
  • Motivationeel. Er is geen animo tot verandering meer, men vindt het wel best zo.
  • Cognitief. Men weet niet meer wat te doen, er lijkt echt geen oplossing te zijn.

Er lijkt een zekere vervreemding te hebben plaatsgevonden. De files worden langer, maar de weerstand minder. Men trekt zich terug in zichzelf, of in de eigen auto zo je wilt en komt daar letterlijk en figuurlijk niet meer uit.

Ik sprak er over op de radio van Omroep Gelderland, NPO Radio 1 en BNR Nieuwsradio.

Het laatste fragment is hier te horen:

FILERIJDER LIJDT AAN AANGELEERDE HULPELOOSHEID

 

Categorie

Op de radio